De zon en de zee springen bliksemend open:
waaiers van vuur en zij;
langs blauwe bergen van den morgen
scheert de wind als een antilope
De bruid
Ik dacht dat ik geboren was voor verdriet
en nu ben ik opeens een lied
aan 't worden, fluisterend door het ijle morgenriet.
nu smelt ik weg en voel mij openstroomen
Lex barbarorum
Geef mij een mes.
ik wil deze zwarte zieke plek
uit mijn lichaam wegsnijden.
ik heb mij langzaam recht overeind gezet.
Weimar
Doodenhuis
hooge vensters droomen hun vergaan
luikenkruis
vleermuisschaduwen
Penthesileia
De bronzen kling
omheuvelt ademend het schemerdal.
daarachter zingt de zee een zachten dood
wuivende zeilen,
Tweede voorschrift
Wie kent zichzelf?
ga zitten in een nieuw gewelf
en neem een korte, scherpe stift
die voor de drift en 't vliegend weer
Herinnering aan Holland
Denkend aan Holland
zie ik breede rivieren
traag door oneindig
laagland gaan,
De zee
‘Wie schrijft, schrijv' in den geest van deze zee
of schrijve niet; hier ligt het maansteenrif
dat stand houdt als de vloed ons overvalt
en de cultuur gelijk Atlantis zinkt;
De grijsaard en de jongeling
Grootsch en meesleepend wil ik leven!
hoort ge dat, vader, moeder, wereld, knekelhuis!
‘ga dan niet ver van huis,
en weer vooral ook het gespuis van vrouwen
Verhevene
Eeuwen wentelden hun volheid samen:
zijn fundament;
nauw kon hun denkgedrocht omvamen
zijn schedeltent.
Vlam
Schuimende morgen
en mijn vuren lach
drinkt uit ontzaggelijke schalen
van lucht en aarde
Vrouw
Lichaam, wentelend al-leven
gedrochtlijk staan wij en massaal geheven
tegen den rottend-paarsen hemel van verlangen
hijgende nacht
Heerscher
Hij schreed
en ruimte was hem soepel kleed
aan 't koele lijf.
de gladde luchten spatten uit elkander
Bloei
O, vrouw,
bloeit schaduw waaierbloem en firmament,
dat sterren schrijden in den gang mijns bloeds
en nacht de weerklank van den roep der handen
Einde
Terzij de horde
nooit gleed een bloemsignaal
tegen de steilte van mijn schemernacht,
waar ik, gewelfd over den rand der ruimte,
Gang
Smarten tasten zijn gang.
het vlak is blind
en oogen branden dieper dan het doel
o, grenzen, horizonten en vervloeien.
Schaduw
Vreugde is zwartgebrand:
asch en omwalming
lijden tot kruis zich spant
uit nachts omarming
Wacht
Zee, storm en duister
en eeuwigheden breken in den nacht;
mij worde dracht van firmamenten
zeer verzacht.
Virgo
Morgenmeren.
uw omgrenzing ordent.
bergen klimmen in het tinnen licht
en uw stille, virginale lippen