Heer Halewijn sanc een liedekijn;
Al wie dat hoorde wou bi hem sijn.
En dat vernam eens conincs kint,
Die van haer ouders so werd bemint.
Achterdocht, bezitsdrang en geweld in intieme relaties en gezinnen.
Heer Halewijn sanc een liedekijn;
Al wie dat hoorde wou bi hem sijn.
En dat vernam eens conincs kint,
Die van haer ouders so werd bemint.
Men had de man vermoord, hij was
bezitter van een hoeve.
En toen zijn jonge vrouw vermoord,
die hulp had willen roepen.
Ga niet van hier, want veilig zijt gij nergens.
Ik achterhaal u waar gij u bevindt;
de vogels mijner woorden, die de wind
mee hebben, treffen u altijd wel ergens.
Ik belde eens, na een wanhoopsnacht
vol angst en liefdespijn,
mijn beste vriend: waar of die dacht
dat mijn Jeanette kon zijn.
Je sliep, je droomde, glimlachte en zei:
“no I don’t care”, gevolgd door
een gekir, een meisjesachtig giechelen.
Dit was zo duidelijk als wat.
Mooi woon je hier pap in dat bos
Toe laat mijn hand eens los
Dat staat zo kinderachtig
Ik was de sterkste van de klas
Soms lag ik in donkere nachten
mijn vrouw haar thuiskomst af te wachten.
Ik lag haar thuiskomst af te wachten
met een klap in mijn gedachten.
Ze hebben nooit op haar geleken,
daar heeft het altijd aan geschort.
Ze hebben nooit op haar geleken,
dus kwam hij steeds aan hen te kort.