Nu rinkelt schel
De elektrieke bel
En scheurt de vrede van den avond
Tot één rinkelende wond
Woord-jazz op Russies gegeven
Donkozakken Donkozakken
Rogoschin lachen
Rogoschin mes
Rogoschin mes-lachen
Huldegedicht aan Singer
Slinger
Singer
naaimasjien
Hoort
Berceuse presque nègre
De sjimpansee doet niet mee
Waarom doet de sjimpansee niet mee
De sjimpansee
is
Marc groet 's morgens de Dingen
Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem
ploem ploem
dag stoel naast de tafel
dag brood op de tafel
Polonaise
Ik zag Cecilia komen
op een zomernacht
twee oren om te horen
twee ogen om te zien
Oppervlakkige Charleston
Als je van het meisje van Milwaukee houdt
van het meisje houdt
van het meisje van Milwaukee houdt
- van de nacht vallen de sterren veel
Berceuse Nr. 2
Slaap als een reus
slaap als een roos
slaap als een reus van een roos
reuzeke
Alpejagerslied
Een heer die de straat afdaalt
een heer die de straat opklimt
twee heren die dalen en klimmen
dat is de ene heer daalt
Zelfmoord des Zeemans
De zeeman
hij hoort de stem der Loreley
hij ziet op zijn horloge
en springt het water in
Herfst
Zij die vóór mij kwamen en dichters waren,
zij hebben hun droefenis, in de Herfst, uitgesproken
en eenheid gevoeld tussen hun gebroken
leven, met het vaarwel aan de drommen hunner dromen,
Ik sta nu eenmaal voorbij de grens
Ik sta nu eenmaal voorbij de grens
aan dewelke ieder normaal mens
moet stilstand houden.
Een vriend heeft me onlangs verweten,
Wederzien
Nu je, onverwacht, gekomen bent,
voel ik me weer een zwak man
en hoe ik m'ook overtuigen wil dat je liegt,
ik kan
Jonge lente
In de jonge Lente, -
ach, hoe dwaas,
'k ben mezelf niet meer baas, -
in de jonge Lente
Valavond
Nu is van Californisch goud de tijd;
de sterrevende zon vergaart
haar krachten voor een laatste vaart,
de laatste van die dag, ter aardewaart.
Wiegeliedje voor de geliefde
Dat trage zich toevouwen je oogleden,
te dragen het loom fluweel van onze nacht.
Onze dag is geweest als bange blanke vazen, die waren blij
de bloemen van ons liefdespel te scharen rij aan rij.
Lied voor mezelf
Mijn Heer, mijn schip is op de zee.
Ik vraag U niet: laat kalm zijn de baren nu.
Wie klaagt, draagt hij niet met zich mee
bestendig een poel die eens zich sluiten zal over zijn hoofd?
Koffiehuis
Razend gedwarrel van stemmen, tot één geraas vergroeid.
Hoge klarinetklanken. Saxophoon-geluiden en wat rest
daar tussen: Geweldig koperen orkest.
De buffetjuffrouw dromend. Heimwee of verlangen?
Vreugde
Onder de gloedende zoen van mijn levenscheppende vreugde ligt de stad;
vreugde in mij, niet om welke oorzaak ook, maar om zichzelf:
zo is elke grote liefde. Mijn vreugde is een absolute liefde.
Dat weet ik: ik ben een schepper die een warme golf over de stad laat varen.
Francis jammes
Zo goed zijt gij als Jozef, gelukkig om het voedstervaderschap;
toen schiepen de eenvoudigste liederen stemmen hen te zingen.
D'Assisen ging tot de vogelen, d'eenvoudigste wijze van geloof.
Dauw van de helderste morgen was hun beider kinderlijke woord.
Melopee
ONDER de maan schuift de lange rivier
Over de lange rivier schuift moede de maan
Onder de maan op de lange rivier schuift de kano naar zee
Langs het hoogriet