Als de zon des avonds daalt
Staat mijn rozenboom vol rozen
Nog in 't avondlicht te blozen,
Dat zijn kruintje overstraalt.
't Boompje bloost en bloeit en blinkt
In het midden van mijn gaarde,
Waar rondom de duistrende aarde
Reeds in schemering verzinkt.
's Avonds in mijn rozenhof
Blijft het avondlicht gevangen
In de duizend roosjes hangen,
Roodend roos en rozelof.