Op 't hoekje van de Hooigracht
En van den Nieuwen Rijn,
Daar zwoer hij dat hij zijn leven lang
Mijn boezemvriend zou zijn.
En halverwege tusschen
De Vink en de Haagsche Schouw,
Daar brak hij, zes weken later zoowat,
Den eed van vriendentrouw.
Op 't hoekje van de Hooigracht
En van den Nieuwen Rijn,
Daar zwoer hij dat hij zijn leven lang
Mijn boezemvriend zou zijn.
En halverwege tusschen
De Vink en de Haagsche Schouw,
Daar brak hij, zes weken later zoowat,
Den eed van vriendentrouw.