Een bloemlezing van gedichten uit de wereld

Een vijver

E

De wind deed de golven klotsen en slaan,
zij hebben zijn wilde woorden verstaan.
Toen gaf hij het schuimende water een stem,
toen sprak het zijn woord en behoorde hem.
Hij ging tot een vijver, blank en licht,
en veinzen was in haar glad gezicht.
Haar oogen blauw, die zagen hem aan
en loken weer toe tot een raadsel te raân.
Zij murmelde zacht tot het zingende riet....
Wat meende zij wel en wat meende zij niet?
Want strijkt dáár de wind langs het watervlak,
dan wekt hij geen zucht en geen woord, dat sprak,
maar enkel wat huivren in eenzaamheid -
Zij, gedoemd tot den vrede en behoorend den strijd.