De dag schuift vóor den Dag gelijk een lucht vol rozen.
- Neen, blind uw blikken niet, want gij zult blíjven zien
door 't ijl gordijn van 't uur dat glijdt de prille, brooze
vereeuwiging van wat gij nimmer kent, misschien.
De zee verschuift de zee: haar diepte zal niet roeren.
Uw blik is blikken-vol, maar luikt op zich alléen
de vlucht'ge schoonheid van ontgoochelend ontroeren,
en gaat niet open dan op prismen van geween.
Verstar uw pijnlijk oog op beelden die niet rijzen:
een diamanten gruis dat heel den nacht verbrandt
kan in de woeling van uw duister niets bewijzen
dan, diep in u, een onbehouwen diamant.